HOME

1797 - 1995 1900 - 1940 1940 - 1960 1960 - 2007 CONCLUSIE

 

PSYCHIATRIE

Een historisch overzicht van dwang, drang, drugs en (gedwongen) gewelddadige behandelingen

 

 

1961:              De FDA keurde Ritalin goed voor de behandeling van kinderen met gedragsproblemen en hyperactiviteit.

1962:               Leo Sternbach (zie fot links) ontwikkelde eind jaren vijftig Librium en Valium. Valium kwam in op de markt onder de naam “Mothers little helper” in 1963.

1963:              Het Amerikaanse Congres nam een wet aan betreffende de  vestiging van geestelijke gezondheidscentra om de patiënten te kunnen behandelen die vrijgelaten werden uit de inrichtingen. Patiënten werden op zware psychiatrische drugs uit de inrichtingen ontslagen en losgelaten in de maatschappij. Duizenden mensen werden op deze manier dakloos in Amerika en in de andere landen die dit programma overnamen.

Carl. R. Rogers

 

1964:              In 1964 voerde Rogers, met financiële steun van het Amerikaanse National Institute of Mental Health (NIMH), een experiment uit bij ongeveer twee dozijn religieuze orden, waaronder de Zusters van Genade, Zusters van Goddelijke Voorziening, de Jezuïeten, de Franciscanen en andere Katholieke organisaties. Rogers kreeg hulp van de Katholieke psycholoog William Coulson, die later toegaf dat de psychologische technieken die gebruikt werden op de geestelijken erop gericht waren om “een epidemie van seksueel wangedrag onder de geestelijken en therapeuten uit te lokken…”. 1  Het onderzoek eindigde na slechts twee jaar, op het moment dat het onderwerp van één van Rogers zijn experimenten, de Zusters van het Onbevlekte Hart van Maria (IHM), geruïneerd waren.

In 1993 erkende Coulson zijn dwalingen en biechtte aan de Katholieke Pers op:

“Wij hebben in de zestiger jaren een hele verzameling religieuze orden kapot gemaakt door de nonnen en priesters te laten praten over hun ellende…Er waren 560 nonnen toen we begonnen. Binnen een jaar na onze interventies hadden er 300 een petitie ingediend in Rome om van hun gelofte ontheven te worden. Ze wilden niet langer onder autoriteit van iemand staan, behalve onder de autoriteit van hun eigen goddelijke ik”.

Coulson stelde verder: “De netto opbrengst van het seksuele onderricht, vormgegeven als Rogeriaanse encountering (Carl Rogers therapie), is meer seksuele ervaring. Humanistische psychotherapie, van het soort dat de Kerk in Amerika heeft overgenomen…domineert vele vormen van geaberreerd onderwijs, zoals seksueel onderricht…”. 2

Hij zei dat zowel hij als Rogers wisten dat hetgeen ze gecreëerd hadden “werkelijk slecht” was.

1967:              LSD werd verboden in Amerika.

 

1967:              In 1967 kwam een groep vooraanstaande psychiaters en doktoren bijeen in Puerto Rico om hun doelen voor het gebruik van bewustzijnsveranderende middelen op “gewone” mensen in het jaar 2000 te bespreken. Hun plan bevatte ontworpen “bedwelmende middelen”, die dezelfde behoefte zouden creëren als alcohol, marihuana, opiaten en amfetaminen, die “disassociatie en euforie” teweeg zouden brengen. Ook farmacologische regulatie” van seksuele activiteit werd besproken.

Drugs om het vermogen om te leren van het individu te vergroten, zouden zeer waarschijnlijk het hele onderwijsproces veranderen, zodat de tijd die nodig was om [welk onderwerp dan ook] te onderwijzen sterk verminderd zou kunnen worden. Hun invloed zou uitgebreid moeten worden met "karakter vormend onderwijs’”  3 Hun rapport stelde:

”Degenen van ons die werken in dit veld zien een potentiële ontwikkeling in de richting van bijna totale controle over de menselijke emotionele staat, hun geestelijk functioneren en hun wil om te handelen. Deze menselijke verschijnselen kunnen worden gestart, gestopt of uitgeschakeld worden door het gebruik van verschillende soorten chemische stoffen”... "Wat wij op dit moment met onze wetenschap kunnen produceren zal effect hebben op de hele samenleving”. 

1968:              Howard P. Rome, voormalig voorzitter van de American Psychiatric Association (APA),  zei:“…Niets minder dan de hele wereld is het verzorgingsgebied van de hedendaagse psychiatrie en de psychiatrie zou niet terug moeten deinzen voor de omvang van die taak”. 4 

1968:              De DSM II kwam uit met ditmaal 163 “geestelijke stoornissen”.

1970 / 80       Ecstasy werd door Amerikaanse psychiaters en therapeuten opnieuw onderzocht voor toepassing in psychotherapie.

 

 

1971:              Ritalin werd door de Amerikaanse regering ingeschaald als een Schaal II drug vanwege de hoge kans op misbruik. In Schaal II zitten ook morfine, PCP (een roesmiddel bekend als Angel Dust), cocaïne en methadon. 

Ook in Nederland valt Ritalin onder de opiumwet.

Foto beneden, Robert Spitzer, de man achter de DSM 3

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1973:              In 1973 deelde het “Tweede Humanistisch Manifest” opnieuw een klap uit naar de onschendbaarheid en validiteit van de religie: 

“…humanisten geloven nog steeds dat het traditionele geloof in God, met name het vertrouwen in de levende God die om mensen geeft, hun gebeden verhoort en begrijpt en in staat is om er iets aan te doen, een onbewezen en ouderwets geloof is. Traditionele morele codes komen onvoldoende tegemoet aan de dringende behoeften van vandaag en morgen…”

1980:               De nieuwe antidepressiva werden goedgekeurd voor de behandeling van depressies.  Geclaimd werd dat deze middelen veiliger zouden zijn dan hun voorgangers.

1980:              De DSM III komt uit met 61 nieuwe “stoornissen” zodat het totaal op 224 “stoornissen” komt.

1985:              Ecstasy werd door de Amerikaanse DEA (Drugs Enforcement Agency) in Schaal 1 op de lijst van verdovende middelen geplaatst met het oog op het groeiende recreatieve gebruik en de verontrustende neurologische schade bij de gebruikers. In Schaal I staan ook drugs als heroïne, LSD en marihuana.

1987:               De DSM III werd hernieuwd uitgegeven als de DSM III R. Het aantal “stoornissen” steeg van 224 naar 253. 

1987:  De FDA keurde Prozac goed als een middel tegen depressies.

17-07-1990: De psychiatrische biologische marketing strategie genaamd:het decennium van de hersenen”, ging officieel van start. Ontworpen door het hoofd van NIMH, de psychiater Lewis Judd, werden termen gelanceerd als: “behandelbare hersenafwijking” en “chemische onevenwichtigheid in de hersenen”

Verder werden ook de slogans geïntroduceerd als: “geestelijke ziekten zijn net zo echt als lichamelijke ziekten”.

1990:              De FDA gaf goedkeuring voor het gebruik van SSRI antidepressiva (Prozac, Zoloft, Seroxat enz.) om ook andere geestelijke stoornissen te behandelen, zoals angststoornissen, obsessieve – compulsieve stoornissen en intense verlegenheid.

1990:              Nieuwe A-typische middelen tegen schizofrenie en psychoses werden geïntroduceerd. Dit ondanks studies uit de zestiger jaren die het verband aantoonden tussen één van deze drugs, clozapine, en ademhalingsstilstand en hartaanvallen. Clozapine werd al in 1970 in Europa van de markt gehaald vanwege het veroorzaken van een potentieel gevaarlijke vermindering van de witte bloedlichaampjes. De atypische middelen bleken echter juist nog meer ernstige bijwerkingen te hebben. Blindheid, fatale bloedproppen, hartritmestoornissen, gezwollen en druppelende borsten, seksuele disfunctie, afwijkingen in het bloedbeeld, pijnlijke huiduitslag, toevallen, geboorteafwijkingen en extreme innerlijke gejaagdheid en rusteloosheid.

Op 20 mei 2003 berichtte de New York Times, dat atypische middelen diabetes kunnen veroorzaken “die in sommige gevallen de dood tot gevolg hadden”.

Dr. Joseph Deveaugh-Geiss, adviserend professor in de psychiatrie aan de Duke University, stelt dat het verband tussen antipsychotica en diabetes “veel lijkt op wat we 25 jaar geleden zagen met tardive dyskinesia” (een bewegingsstoornis zie foto's boven, van vooral de mond, lippen en tong  veroorzaakt door langdurig gebruik van antipsychotische middelen). 5

“Een tweede paradoxaal effect dat optrad bij de sterkere neuroleptica, was een bijwerking met de naam akathisia (a, zonder; kathisia, zitten, een onvermogen om stil te zitten). Deze bijwerking is ook in verband gebracht met aanvallend en gewelddadig gedrag."  6 – Robert Whitaker, schrijver van “Mad in America: Bad Science, Bad Medicine, and The Enduring Mistreatment of the Mentally Ill.

 

1994:  De DSM IV kwam uit met ditmaal 374 “stoornissen”.

Meer en meer problemen zijn opnieuw gedefinieerd als ‘stoornissen’ of ‘ziekten’, zogenaamd veroorzaakt door genetische vatbaarheid en biochemische onevenwichtigheden.

“Gebeurtenissen in het leven worden gedegradeerd tot de lont van een onderliggende biologische tijdbom. Je heel verdrietig voelen is een ‘depressieve stoornis’ geworden. Je te veel zorgen maken is een ‘ongerustheidstoornis’ of ‘angststoornis’… Het maken van lijsten van gedrag, het plakken van medisch klinkende etiketten op mensen die dergelijk gedrag vertonen om vervolgens de aanwezigheid van dit gedrag te gebruiken om te bewijzen dat ze de ziekte hebben, is wetenschappelijk betekenisloos”. 7 – John Read, senior universitair docent aan de Universiteit van Auckland, Nieuw Zeeland, 2004

In 2001 hield Simon Wessley, professor in de psychiatrie aan het King’s College ziekenhuis en het Maudsley ziekenhuis in Zuid-Londen, een enquête onder 150 specialisten in de geestelijke gezondheidszorg (van over de gehele wereld) om te peilen wat de 10 slechtste psychiatrische publicaties in de geschiedenis van de psychiatrie waren. Daar kwam onder meer de vierde editie van de DSM uit. De enquête bepaalde: “Als het niet in de DSM-IV staat, ben je niet ziek. Het is een oncontroleerbaar monster geworden.” 8 

Op dit moment wordt het DSM  “monster” o.a. gebruikt om: De geestelijke geschiktheid van een ouder of individu vast te stellen. Een kind weg te halen onder de voogdij van zijn of haar ouders. De bekwaamheid van een kandidaat-werknemer om een functie te vervullen vast te stellen. In sommige landen, een persoon zijn of haar stemrecht te ontnemen. Te bepalen of een persoon bekwaam is om schuld te bekennen bij een strafrechtelijk proces. Een beklaagde voor onbepaalde tijd in psychiatrische handen op te sluiten in plaats van hem aan een misdaad schuldig te verklaren en hem een eindige straf te laten uitzitten, Te voorkomen dat een persoon uit de gevangenis wordt vrijgelaten of op proefverlof gaat. Iemands testament ongeldig te verklaren. Wettelijke contracten te verbreken en de wensen van een persoon aangaande zaken of bezittingen met voeten te treden. Een persoon onvrijwillig te laten opnemen in een psychiatrische instelling waar elektroshocks en psychiatrische drugs onder dwang kunnen worden toegediend. Een persoon te dwingen om krachtige, zenuw- en hersenenbeschadigende psychiatrische drugs te gebruiken terwijl hij zelfstandig in de maatschappij leeft. De ziektekostenverzekering van een persoon op te lichten.

 

1990-2000:   Psychiaters en hun, door de farmaceutische industrie gesponsorde, patiëntenbelangengroepen, lobbyden voor ambulante geestelijke gezondheidscentra en een wettelijke regeling voor het gedwongen toedienen van medicatie bij geestelijk gestoorden terwijl ze thuis verblijven. Bij weigering van de medicatie zouden deze “patiënten” gedwongen opgenomen en behandeld dienen te worden. In 2002 waren er in Amerika al meer dan 10 staten die wetten hadden voor dit soort gedwongen drugsbehandelingen thuis. Ook in Nederland is dit sinds 2003 opgenomen in de wet.

2002:              Veertien jaar na het verschijnen van Prozac als “wondermiddel” bleek uit studies dat 55% tot 65% van de miljoenen mensen die deze antidepressiva gebruikten, niet afdoende geholpen bleken te zijn.

2004:              In Europa wordt het voorschrijven van SSRI’s met het bestanddeel paroxetine (Prozac, Zoloft, Seroxat e.a.) vanaf 2004 afgeraden door de Europese Commissie ter Beoordeling van Geneesmiddelen voor kinderen onder de 18 jaar, wegens het risico op zelfmoord en agressief gedrag.  Alleen in extreme uitzonderingsgevallen mogen deze middelen nog aan kinderen voorgeschreven worden. In Amerika kwam de Food and Drug Administration hevig onder vuur te liggen wegens het achterhouden van deze informatie. In Amerika zit er nu een waarschuwingssticker voor zelfmoord en agressie op de verpakkingen.

Psychiaters wijten geweldsmisdrijven aan het falen van een patiënt om z’n medicatie in te nemen, terwijl ze weten dat extreem geweld een gedocumenteerde bijwerking is van zowel het gebruik van psychiatrische drugs, als van het afkicken ervan. “Het grote publiek kon nauwelijks vermoeden dat de gek uit zijn nachtmerries, die moordt zonder te waarschuwen en zonder duidelijke reden, niet altijd aangestuurd wordt door een innerlijk kwaad, maar juist door een populair medicijn”. 9

Als gevolg hiervan is er een storm van kritiek ontstaan op deze middelen over de hele wereld, zeker toen bleek dat de farmaceutische industrie soortgelijke risico’s voor volwassenen al sinds 1986 verborgen hield.

2004:               In december 2004 tekende president Bush een nieuwe wet waarin ouders het recht kregen om psychiatrische medicatie voor hun kinderen te weigeren. Scholen in Amerika mogen kinderen niet langer weigeren als de ouders hun geen psychiatrische medicatie willen geven.

De nu volgende onderzoeken kunt u met de bronvermeldingen vinden op www.bijwerkingenpsychiatrischemedicijnen.nl  Daar vind u ook alle waarschuwingen die internationaal zijn afgegeven op de gevaren van deze "medicatie".

2005:               Het wetenschappelijk comité van de European Medicines Agency verklaart dat  tijdens klinische proeven is gebleken dat kinderen en volwassenen die antidepressiva kregen vaker suïcidaal gedrag en vijandigheid vertoonden dan de groep die placebo’s kreeg.

2005:               Het National Center on Addiction and Substance Abuse publiceert een rapport waarin staat dat 15 miljoen Amerikanen regelmatig high zijn geworden van geneesmiddelen, pijnstillers en psychiatrische middelen, zoals Xanax, Ritalin en Adderrall. Deze middelen worden vaker misbruikt dan cocaïne, heroïne en meta-amfetamine tezamen. Volgens het rapport misbruiken ongeveer 2,3 miljoen tieners deze middelen. Het onderzoek toonde tevens aan dat tieners die voorgeschreven middelen als drugs misbruikten, 12 maal zo veel kans liepen heroïne te gaan gebruiken, 14 maal zo veel kans liepen XTC te gaan gebruiken en 21 maal zo veel kans liepen om cocaïne te gaan gebruiken, vergeleken met tieners die deze middelen niet misbruikten.

2005:              Het British Medical Journal publiceert een studie van Joanna Moncrieff (universitair hoofddocent psychiatrie aan de College Universiteit van Londen) die ontdekte dat antidepressiva niet effectiever zijn dan een placebo en depressies niet verminderen. Zij ontdekte tijdens haar onderzoek dat onderzoeken naar antidepressiva met negatieve resultaten een kleinere kans hebben om gepubliceerd te worden dan onderzoeken met positieve resultaten en dat bij gepubliceerde onderzoeken de negatieve resultaten wellicht niet gepresenteerd worden. Moncrieff vond “geen hard bewijs dat deze middelen werken.” 

2005:             Columbia University publiceert een onderzoek naar het misbruik van voorgeschreven middelen door tieners, getiteld: “National Survey of American Attitudes on Substance Abuse X: Teens and Parents”. Hierin wordt gesteld dat het aantal Amerikanen dat voorgeschreven middelen als drugs gebruikt tussen 1992 en 2003 bijna is verdubbeld, in de leeftijdscategorie van 12-17 is het aantal met 212% toegenomen. Daarnaast, onthult de studie dat het percentage tieners dat iemand kent of heeft gekend die voorgeschreven middelen als drugs (heeft) gebruikt van 2004 tot 2005 met 86% is toegenomen.

2005:             Een Noors onderzoek toont aan dat Seroxat (in Noorwegen bekend onder de naam Paroxetine) de kans op zelfmoord bij volwassenen vergroot. Bij het onderzoek onder meer dan 1.500 patiënten ondernamen 7 patiënten die Seroxat slikten een zelfmoordpoging. In de controle groep die placebo's kreeg toegediend vond 1 zelfmoordpoging plaats. Het onderzoek concludeerde dat het advies om Seroxat niet langer voor te schrijven aan kinderen en jongeren, ook zou moeten gelden voor volwassenen.

2005:             Het Drug Effectiveness Review Project van de Staatsuniversiteit van Oregon publiceert een belangrijke studie waarin de effectiviteit van ADHD-medicatie in twijfel wordt getrokken. De onderzoekers bekeken 2287 onderzoeken, vrijwel elk onderzoek dat er ooit naar ADHD is gedaan, en publiceerden een rapport van 731 bladzijden. De conclusie was dat er weinig bewijs is dat de middelen die worden gebruikt om ADHD te behandelen daadwerkelijk helpen, veilig zijn op lange termijn of helpen om de schoolprestaties te verbeteren.

2005:              Dr. Jeffrey Lieberman van de Universiteit van Columbia  publiceert in het New England Journal of Medicine de resultaten van een, door de overheid gesubsidieerd onderzoek, dat aantoonde dat 74% van de patiënten voortijdig stopten met het gebruik van antipsychotica vanwege de ineffectiviteit, ondraaglijke bijwerkingen of andere redenen.

2005:              Het British National Health Service Institute for Health and Clinical Excellence publiceert een rapport met praktische adviezen voor de zorg voor depressieve kinderen en jongeren. Er worden ook klinische richtlijnen gegeven over “Depressies  bij kinderen en jongeren”. Regelmatig bewegen, slapen en een gebalanceerd dieet worden omschreven als de eerste niveaus van therapie. Er wordt tevens gesteld dat antidepressiva niet moeten worden voorgeschreven bij een eerste behandeling van kinderen en jongeren met een lichte depressie.

2005:             In een historisch rapport geeft het Comité voor de Rechten van het Kind van de Verenigde Naties, de hoogste autoriteit in de wereld op het gebied van rechten voor kinderen, een stevige waarschuwing af tegen het onterecht diagnosticeren van kinderen met de psychiatrische diagnose “Attention Deficit Hyperactivity Disorder (ADHD)” en het toedienen van ADHD-medicatie. In de conclusies van rapporten betreffende naleving van de U.N. Convention on the Rights of the Child door Australië, Finland en Denemarken, spreekt het Comité haar bezorgdheid uit over het “ten onrechte stellen van ADHD en Attention Deficit Disorder (ADD) diagnoses waardoor psychostimulerende middelen te vaak worden voorgeschreven, ondanks het toenemend bewijs dat deze middelen schadelijke effecten hebben.”

Nog aan paar recentelijke onderzoeken.

Placebo's werken beter dan antidepresiva

Door Shankar Vedantam Washington Post, dinsdag, 7 mei, 2002.

Placebo’s verbeteren de stemming en veranderen de chemie in de hersenen in het merendeel van de onderzoeken naar antidepressiva. Een nieuwe analyse heeft aan het licht gebracht dat in het merendeel van de onderzoeken uitgevoerd door de farmaceutische bedrijven in de afgelopen decennia, suikerpillen net zo goed werkten, en soms beter, dan antidepressiva.

Daar komt nog bovenop dat de suikerpillen (placebo’s) aanzienlijke veranderingen in dezelfde gebieden van de hersenen veroorzaakte als onder invloed van de medicijnen, volgens een onderzoek dat afgelopen week werd gepubliceerd. Eén onderzoeker trok de treurige conclusie dat een hoger percentage van de depressieve patiënten beter werden van placebo’s dan 20 jaar geleden.    

Recent onderzoek naar elektroshocks, 2003

Een Engels onderzoek naar bijwerkingen van ECT dat werd uitgevoerd door wetenschapper Diana Rose in 2003 concludeerde dat 29% tot 55% van de patiënten blijvend geheugenverlies meldde. Deze conclusie werd getrokken na het opnieuw bestuderen van 26 eerder uitgevoerde onderzoeken naar de bijwerkingen van ECT. Het Royal College of Psychiatrists stelt dat geheugenverlies klinisch niet relevant zou zijn. Rose weerlegt dit door te stellen dat deze uitspraak gebaseerd is op oud onderzoek dat anders in elkaar zit dan het door haar uitgevoerde onderzoek. 

Recent onderzoek naar elektroshocks van eind 2006.

In januari 2007 werd een recent onderzoek uitgevoerd door de Colubia University, gepubliceerd in het tijdschrift Neuropsychopharmacology. Hierin werd vastgesteld dat patiënten die ECT hadden ondergaan last hadden van blijvend geheugenverlies, beschadiging van de cognitieve vaardigheden en de reactiesnelheid. De onderzoekers stellen: “dit onderzoek levert het eerste bewijs, in een groot, breed uitgevoerde steekproef dat schadelijke cognitieve effecten lange tijd kunnen voortduren en dat ze karakteristiek zijn voor routinematige behandelingen met ECT.” Uit het onderzoek bleek ook dat vrouwen eerder schade ondervonden van ECT dan mannen. Oudere vrouwen  lopen het grootste risico. 

Een interessant gegeven bij dit onderzoek is dat Harold Sackheim, één van de meest uitgesproken voorstanders van ECT, aan dit onderzoek heeft meegewerkt en zijn mening heeft herzien. Hij ontkent niet langer de schade die ECT veroorzaakt.

The Collin A. Ross Institute for Psychological Trauma. Schijnshocks werken net zo goed als echte shocks.

Colin A. Ross, hoofd van “The Collin A. Ross Institute for Psychological Trauma”, publiceerde een artikel waarin hij de wetenschappelijke studies overziet die de effectiviteit van de schijn-elektroshocks (sham ECT of placebo ECT) vergelijken met echte elektroshocks. De conclusies zijn overduidelijk; in bijna  alle studies blijkt het antidepressieve effect van schijn-ECT één maand na de behandeling als dat van de echte ECT, maar dan zonder de risico’s van echte ECT met name op het cardiovasculair vlak (hart en bloedvaten) en op het vlak van de cognitieve achteruitgang (met name geheugenverlies). 

 

 

139 An interview with Dr. William Coulson, "We overcame their traditions, we overcame their faith," The Latin Mass, Special Edition, p. 15.

2Ibid., p. 16.

3 Wayne O. Evans, Ph.D. & Nathan S. Kline, M.D. (editors), Psychotropic Drugs in the Year 2000, Use by Normal Humans, (Charles C. Thomas, Publisher, Illinois, U.S.A., 1971), p. 81.

4 Op. cit., Thomas Szasz, Manufacture of Madness, p. 321.

5 Erica Goode, “Leading Drugs for Psychosis Come Under New Scrutiny,” The New York Times, 20 May 2003.

6 Op cit., Robert Whitaker,pp 182,186.

7 John Read, “Feeling Sad? It Doesn’t’ Mean You’re Sick,” New Zealand Herald, 23 June 2004.

8 “Ten Things That Drive Psychiatrists To Distraction,” The Independent, ( United Kingdom ), 19 Mar. 2001.

9 Op. cit., Robert Whitaker, p. 189.